In een commentaar van 25 oktober gaf de btw-administratie haar interpretatie van de reikwijdte en de impact van een nieuwe richtlijn over het privaat gebruik van bedrijfsgoederen (zoals de bedrijfswagen) die begin dit jaar geïntroduceerd werd. Volgens die richtlijn zullen belastbare personen en bedrijven enkel btw kunnen terugvorderen op uitgaven op bedrijfsgoederen in relatie tot de manier waarop ze effectief gebruikt worden voor zakendoeleinden. Terugvordering van btw op privégebruik van bedrijfsgoederen zal voortaan niet meer toegelaten zijn, zo weet Ivan Massin, partner bij Deloitte België.
Tot op heden was het privégebruik van bedrijfsactiva onderworpen aan btw via de btw-aanslag op het extralegale voordeel, zoals bepaald voor de inkomensbelasting. Voor bedrijfswagens bestond de vroegere regelgeving uit een combinatie van enerzijds de beperking van de btw-teruggave tot 50 % en anderzijds de btw op het extralegale voordeel. In de praktijk betekende dit dat de kilometers die voor persoonlijke doeleinden gereden werden, bepaald werden op basis van een vast aantal van 5000 of 7500 kilometer per jaar.
Effectief privégebruik
In de nieuwe regelgeving is het zo dat belasting van privégebruik via een btw-aanslag volledig wordt opgegeven. In plaats daarvan zal privégebruik, inclusief pendelverkeer, gebaseerd worden op effectief privégebruik en niet langer op basis van een forfaitaire 5000 of 7500 kilometer per jaar. Bovendien zullen de effectieve kilometers jaarlijks worden vastgelegd, zodat men te maken kan krijgen met fluctuaties afhankelijk van het aantal privékilometers dat medewerkers effectief rijden. Ook voor andere zakelijke goederen zoals laptops, gsm's en gebouwen zal het effectieve privégebruik worden bepaald om op basis daarvan btw-teruggave te limiteren.
Ivan Massin wijst erop dat dit standpunt een belangrijke extra kost kan veroorzaken qua btw en administratieve last. Voor bijvoorbeeld een doorsnee middenklasse bedrijfswagen, met een privé-gebruik van 80 procent, kunnen de extra btw-kosten oplopen tot een kleine 300 euro. Voor het gebruik van andere middelen zoals laptops en gsm's geeft de commentaar géén praktische richtlijnen inzake het privégebruik ervan. De nieuwe interpretatie werkt retroactief vanaf 1 januari 2011. Ze slaat zowel op gekochte als geleasde goederen.