Voor de schrijver van dit boek is er geen reden tot dramatiseren. Hij poneert zijn ideeën over vergrijzing met bijna cabareteske zwier. De meerkost van de vergrijzing vindt hij vrij beperkt en de kosten ervan onbetaalbaar noemen, noemt hij vergrijzingssadisme. Maar de man stelt ook een aantal pertinente vragen. Zoals: we willen met zijn allen dat mensen langer werken, maar hebben werkgevers een antwoord op hoe en waarmee ze oudere werknemers aan het werk zullen zetten? En zo staan er wel nog een paar vraagstukjes voor hr-managers in dit boek.
Deswert schuwt geen beeldrijk taalgebruik, is niet te beroerd om hier en daar een veeg uit de pan uit te delen, maar maakt op zijn minst om de paar bladzijden een punt waar ook de leek toch even ‘tiens’ bij denkt. We geven er eentje mee: dat economisten en studiebankiers wel de meeruitgaven voor ouderen rekenen maar zelden de minderuitgaven in rekening brengen. “Zij gedragen zich als ‘studiecommissies voor de verzwarting’.”
Misschien moeten we dan niet wakker liggen van het pensioenspook, althans volgens Deswert, maar wel van een aantal andere zaken. En daar heeft hij overschot van gelijk. Hij noemt expliciet een aantal pijnpunten die betrekking hebben op bedrijven en werknemers.
Hoe dan ook is dit boek af en toe gekenmerkt door een behoorlijk fel vakbondstintje, maar de zwier waarmee het geschreven is, verzacht de boodschap. Wat mij betreft is dit boek absoluut de moeite waard om de kleppen eens wat meer open te zetten. Daar is nog niemand slechter van geworden.